Restwarmte als lokale energiebron
Voor het invriezen van visproducten beschikt Van der Lee Seafish sinds 2025 over een moderne CO₂-koudecentrale van Equans Refrigeration & Heating Solutions. Bij dit invriesproces komt warmte vrij. Dankzij een uitbreiding met warmte-uitkoppeling kan deze warmte worden teruggewonnen, op de gewenste temperatuur worden gebracht en beschikbaar worden gemaakt voor derden. Denk aan woningen, bedrijven en andere lokale toepassingen. Zo kan energie die vrijkomt bij het ene proces, opnieuw worden ingezet voor een ander proces.
Om te onderzoeken wat dit in de praktijk oplevert, voerde Van der Lee Seafish op 1 september 2026 een test uit onder toezicht van Equans en Circulaire Energie Voor Elkaar B.V., een initiatief uit Urk dat zich richt op het versnellen van de energietransitie met warmtenetten. Bij de proef werd de werking van een toekomstig warmtenet nagebootst met een tijdelijke waterbuffer in het laaddock van het visbedrijf. Het water fungeerde tijdens de proef als tijdelijke bron voor het warmtenet.
De test bracht ondernemers, initiatiefnemers en andere betrokkenen uit Urk samen. Marcel Klomp (Sales Manager) en Chris Muller (Development & Engineering) bij Equans lichtten de proef ter plaatse toe en spraken hierover met de lokale pers.
Meer dan 35% energiebesparing
“Tijdens de test werd het water zo’n uur door de warmtewisselaars rondgepompt. Zo konden we meten hoeveel warmte beschikbaar komt en welk effect het afvoeren van die warmte heeft op de koude- en vriesinstallatie”, vertelt Chris.
De resultaten zijn veelbelovend: het energieverbruik van de koude- en vriesinstallatie daalde met ruim 35%. Het water werd daarbij minimaal 5°C opgewarmd. Daarmee vormde het een bruikbare bron voor een toekomstig warmtenet.
De test was een momentopname, met buitenluchtcondities van 18 tot 19°C. De installatie condenseerde daarbij op ongeveer 28°C. Na het omschakelen van afvoer naar het water daalde de condensatietemperatuur naar 20 °C. Bij hogere buitentemperaturen moet de installatie zonder warmte-uitkoppeling een hogere condensatietemperatuur en daarmee een hoger energieverbruik realiseren. Het afvoeren van de warmte naar het water kan het benodigde temperatuurverschil dan relatief sterker verlagen. Dat betekent dat de energiebesparing op warmere dagen nog verder kan oplopen.
Koude en warmte lokaal verbinden
Chris legt uit hoe die energiebesparing ontstaat: “Als warmte op een geschikt temperatuurniveau kan worden afgevoerd naar een warmtenet, wordt het temperatuurverschil waarover de koude-installatie moet werken kleiner. Daardoor hoeft de koude-installatie minder energie te verbruiken. Tegelijkertijd krijgt de vrijgekomen warmte een nuttige bestemming.”
Bijdrage aan energietransitie én netcongestie
De proef laat zien hoe het slim koppelen van afnemers van energie en leveranciers van energie kan bijdragen aan een efficiënter lokaal energiesysteem. Door restwarmte lokaal te benutten, kan de inzet van andere energiebronnen worden verminderd. De energiebesparing bij de koude-installatie kan daarnaast bijdragen aan een lagere elektriciteitsvraag en daarmee aan het verminderen van de belasting van het elektriciteitsnet. “Zeker op locaties met veel beschikbare industriële koude en warmte kan een lokaal warmtenet een belangrijke rol spelen in een toekomstbestendig energiesysteem”, benadrukt Marcel.
De test sluit aan bij de ontwikkeling van Bronnet, een initiatief voor een toekomstig lokaal warmtenet op Urk. Equans werkt hierbij samen met lokale ondernemers en initiatiefnemers aan een systeem waarin beschikbare energie zoveel mogelijk lokaal wordt benut.
“Met de testresultaten is een belangrijke stap gezet in het aantonen van de potentie van restwarmte uit de visserijsector”, zegt Chris. “De combinatie van energiebesparing bij koudeproductie en het beschikbaar maken van restwarmte voor derden laat zien hoe industriële processen onderdeel kunnen worden van een lokaal, circulair energiesysteem.”
Marcel vult aan: “Met deze praktijktest maken we zichtbaar hoeveel waarde er zit in warmte die normaal gesproken verloren gaat. Door koude- en warmtevraag lokaal met elkaar te verbinden, kunnen we tegelijkertijd energie besparen én nieuwe mogelijkheden creëren voor de omgeving.”